zondag 27 juli 2014

26.De gouden eeuwen deel 2

                  BAALEZER=BAAL-MANZER=BAAL-UTSUR=BALEAZEROS 935‑929
                  Hiram wordt in Tyrus door Baälezer of Baäl‑eazor opgevolgd. Hij
                  regeert 7 jaren en wordt 43 jaar oud. Tijdens zijn regering
                  gaat een deel van de Israëlische markt verloren en worden ook de
                  tochten door de Rode zee gestaakt. Wel slaagt Baälezer erin om
                  weerstand te bieden aan een opmars van farao Shishak uit Egypte.
 
                  EGYPTE
                  In Egypte heersen in de periode 1085‑950 de Amon‑priesters
                  HERIHOR + SMENDES + PSOESENNES + PINODJEM I + AMENEMOPET +
                  SIAMON + PSOESENNES II. Het is een tijd van scheuring en ver‑
                  deeldheid. Thebe en Tanis zijn de machtscentra.
          2.7.2.  De Fenicische scheepvaart kiest een andere richting.
 
          Met de scheepvaart en handel in zuidelijke richting gaat het vooralsnog
          mis. De tweedeling van het rijk van Salomo vormt de eerste belemmering.
          Ahazia van Israël en Josafat van Juda trachten nog een maal in 852 om
          gezamelijk de route open te houden en rusten een nieuwe expeditie uit.
Het is niet zeker, of de expeditie ook werkelijk het ruime sop kiest, maar als dat zo is
dan wordt de vloot zeilend naar Ophir echter door een storm vernietigd. Als dan ook nog de zelfstandig geworden Edomieten de verbinding door de Negev verbreken, komt de handel van de Feniciërs via de Rode zee op een laag pitje te staan. De Fenicische scheepvaart richt zich vanaf deze tijd meer dan ooit op het westen.
 
          2.7.3.  De Assyrische strooptochten.
 
          Reeds in 883 drongen de Assyriërs weer door tot in Syrië o.l.v.
          Assoernasirpal II. Hij waste zelfs zijn strijdwagens in de zee. Een
          symbolische handeling, waarmee zijn oppergezag ook over de Fenicische
          steden werd uitgedrukt.Het bleven echter allemaal plundertochten,
          waaruit geen blijvende bezetting resulteerde. In 876 worden Tyrus,
          Arvad. Sidon en andere steden schatplichtig. De hofschrijver van
          Assoernasirpal bericht (ARAB I,479):
 
          "De schatting van de zeekust (van de inwoners van Tyrus, Sidon, Byblus,
          Mahalatta, Maisa, Kaissa, Amurru en Arvad) bestaande uit goud, zilver,
          tin, koper, koperen vaten, linnen klederen met veelkleurige versiering,
          grote en kleine apen, ebbehout, ivoor en walrusslagtanden (dus ook een
          voortbrengsel van de zee) heb ik gekregen en zij kusten mijn voeten."
 
          Nog steeds wordt de zelfstandigheid van de Fenicische steden niet
          aangetast. Het betalen van tribuut is nog voldoende. De Arameeën hebben
          verhoudingsgewijs veel meer last van de Assyriërs. De staten aan de
          Levantkust zijn duidelijk wakker geschud en zij zullen de komende tijd
          gezamenlijk proberen om de Assyrische opmars in te dammen.
 
          De Assyriërs gebruiken verschillende termen voor de schattingen. De
          NAMURTU is een min of meer vrijwillige schenking. De verplichte afdracht
          heet MADATTU.
 
                  DE KONINGSLIJST VAN TYRUS, zoals opgenomen en uitgewerkt in:
                  DE REGEERDERS VAN TYRUS, H van Diessen, Apeldoorn 1999.
 
                  ABDASTARTE 929‑920
                  In Tyrus komt in 929 Abd'as(h)tarte aan de macht. Zijn naam
                  betekent dienaar van As(h)tarte. Zijn vergriekste naam is
                  Abdastratos. In 920 wordt hij vermoord.
                  ONBEKENDE 920 - 909
                  ASTARTE 909 - 896
                  ASTAR'M 896 - 887
                  PHELLES 887/886
 
              Zie:ATLAS VAN DE FENICISCHE EN PUNISCHE STAMMEN, STEDEN EN VOLKEN:
                  Kaart 22.Fenicië komt in de Assyrische sfeer.
                  Kaart 23.Monding Orontes & de tocht van Assurnasirpal II (883 v.C).
          2.7.4.  De slag bij Qarqar.
 
          Twintig jaar later is de Assyrische koning Salamannassar op oorlogspad,
          maar hij moet het hoofd bieden aan een inmiddels gesmeed verbond,
          waaraan in ieder geval ook de Fenicische stad Arvad 1) deelneemt.
          Onder de leiding van Hadad'Idri verenigen zich in 853 vele
          Voor‑Aziatische volken om de Assyriërs te weerstaan. Volgens de
          overlevering doen maar liefst 12 koningen mee om in de buurt van Hamath
          slag te leveren tegen de aanstormende vijand. Reeds een zestal jaren
          eerder hadden de Assyrische rooftroepen Hamath bereikt zonder op
          weerstand van betekenis te stuiten, maar nu stond er een groot leger
          klaar om hen op te vangen.
 
          tabel 4.Geallieerde strijdmacht van Hadad'Idri van Damascus in 853.
          ______________________________________________________________________
                          Hadad'Idri Achab v.Israël Irchulini v.Hamath TOTAAL
          ______________________________________________________________________
          strijdwagens     1200         2000            700             3900
          ruiters          1200                        700             1900
          voetvolk        20000        10000          10000            40000
          ______________________________________________________________________
          TOTAAL          22400        12000          11400            45800
 
     Verder waren er nog contingenten uit de Fenicische steden Arvad(200 man)
          en Siannu(100 man), uit Cilicië (Que met 500 man), uit Arabië (de stad
          Gindibu met 1000 kameelruiters), uit de steden Usjanal en Irqanata, uit
          Egypte (1000 man) en uit Ammon (1000 man). Deze geallieerde strijdmacht
          moet dus uit circa 50.000 man hebben bestaan. Wellicht is het totaal
          aantal overdreven, maar de onderlinge verhouding zal wel ongeveer
          kloppen.
          De Assyriërs claimen de overwinning bij Qarqar, maar er is veeleer
          sprake van een gelijkspel, want na deze grote veldslag, laten de
          Assyriërs de landen aan de kust van de Middellandse zee enige jaren met
          rust. Pas enige jaren later komen ze weer terug met enige plundertochten. De
          Fenicische steden kopen de Assyriërs af. Immers, de karavaanhandel met
          Mesopotamië moet door kunnen gaan. Tyrus en de Filistijnse steden
          hebben bovendien profijt van de veroveringstochten door de Assyriërs.
          Deze plaatsen functioneren namelijk als slavenmarkten voor de vele
          krijgsgevangenen van de Assyriërs.
          Zo ontstaat er iets van een accoord tussen Assyrië en Fenicië. Het
          grote verbond van Hadad'Idri is uiteengevallen en maakt de weg vrij voor
          een verdere Assyrische opmars.
 
          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
          1):Arvad stond toen onder koning Mattanbaäl.
                                                                       350 n Z
                  ETHBAÄL 886 - 854
                  Ethbaäl of Ithobaäl regeert in Tyrus in de eerste helft van de
                  9e eeuw. Maar liefst 32 jaar blijft hij aan de regering. De
                  macht van Tyrus is in die periode erg groot. Etbaäl regeert ver‑
                  moedelijk ook over Byblos en Sidon. Vanuit Tyrus worden
                  bovendien Auza en Botrys als nieuwe kolonies gesticht.
 
 
              Zie:AUTONOMIE EN AFHANKELIJKHEID VAN DE PHOENICISCHE STEDEN
                  VANAF DE ASSYRISCHE OVERHEERSING T/M ANTIOCHUS III, C.J.ELSINGA,
                  HAARLEM 1982.
 
 
              ZIE:ATLAS VAN DE FENICISCHE EN PUNISCHE STAMMEN, STEDEN EN VOLKEN:
                  Kaart 24.Veldslag bij Qarqar (853 v.C).
 
          Alleen een bundeling van de krachten van alle volken en staten aan de
          kust van de Middellandse zee deed de Assyriërs voor een ogenblik
          stoppen. Deze situatie bij Qarqar deed zich echter maar zeer sporadisch
          voor. De Feniciërs zochten bovendien een andere weg, namelijk die van
          onderhandelingen, het geven van geschenken en ....zaken doen. Zolang de
          autonomie van de Fenicische steden maar niet werd aangetast en de
          tributen niet alle winsten opslokten, kon formeel de Assyrische
          opperheerschappij erkend worden. De Assyriërs van hun kant namen hier
          vooralsnog genoegen mee. Dat zal in de 8e eeuw anders worden.en dan
          begint de langzame doodstrijd van de Fenicische steden pas werkelijk.
 
          2.7.5.  Izebel.
 
          In de bijbel komt Izebel er niet zo best van af. De vrouw van Achab van
          Israël en dochter van Ithobaäl van Tyrus verloochent haar afkomst niet
          en beschermt de Baälcultus.. Er komen meer Baälpriesters en de profeet
          Elia verzet zich tegen deze "vreemde" invloed. Na de dood van Achab
          vindt er een staatsgreep plaats o.l.v.Jehu, die in 841 korte metten
          maakt met de Fenicisch/Kanaänietische invloed. Honderden Baälpriesters
          worden uitgemoord en met hen de achtergebleven familie van Achab en
          Izebel zelf. Alleen de minster Obadja weet 100 Baälpriesters in twee
          holen te verbergen. Enige jaren later herhaalt zich de massamoord in
          Juda.
 
          De figuren Izebel en haar dochter Atalja zijn tekenend voor de
          tweestrijd, waarin het volk van Israël en Juda verkeerde. David en
          Salomo hadden zo hun "Kanaänietische/Fenicische" neigingen. Zelfs Saul
          noemde zijn zonen Isj‑Baäl en Merib‑Baäl. Izebel kwam vanuit Tyrus in een
          sfeer, die dualistisch was. In een land werden verschillende gods‑
          diensten getolereerd. Het religieus fanatisme van de profeten gooit roet
          in het eten en maakt virtueel een einde aan de samenwerking met de
          Feniciërs. Atalja neemt nog wel eerst wraak voor haar moeder's
          justitiële moord. Na de dood van haar man Joram en haar zoon Achazja
          wordt zijzelf koningin van Juda en roeit alle nakomelingen van David
          uit. Een reactie blijft niet uit en ook Atalja wordt vermoord.
 
          Daarmee is een eind gekomen aan de drie‑eenheid van Juda‑Israël‑
          Fenicië. Ieder van deze staten staat verder alleen tegen Arameeën en
          Assyriërs en elkeen zal ten gronde gaan aan de verbreking van hun
          onderling verbond.
 
          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
          Zie:ASHER ET LE ROYAUME DE TYR, A.LEMAIRE, OLA 44.
              THE TERRITORY OF TYRE AND THE TRIBE OF ASHER, E.LIPINSKI, OLA 44.
          2.7.6.  Verval van de Tyrische macht.
 
          Omstreeks 900 was Tyrus op het toppunt van haar macht en bloei. Met de
          komst van de Assyriërs begint het verval. Overzee zullen het de Grieken
          zijn, die de positie van de stad steeds meer zullen aantasten. Geruime
          tijd kan Tyrus en met haar de andere Fenicische steden de Assyriërs nog
          afkopen, maar op een gegeven moment moet in de 8e eeuw een Assyriër
          geduld worden naast de Tyrische koning, die er vooral op let, dat de
          afdracht aan Ninivé voldoende hoog is. Tot 750 hebben de Feniciërs
          echter de tijd om overzee hun factorijen te stichten of uit te breiden
          tot steden, waarin zij hun rijkdommen verzamelen en van waaruit zij hun
          handel en scheepvaart kunnen voortzetten. Zo verlaten als een teken aan
          de wand even voor 814 een aantal Tyriërs hun stad onder de leiding van
          de legendarische prinses Elisja om zich via Cyprus naar Noord‑Afrika te
          begeven. Daar wordt Carthago (Qart Hadasjt) gesticht op of nabij de
          mogelijk oude nederzetting Kambe. Deze Elisja was waarschijnlijk de
          achternicht van Izebel en zus van koning Pummayyaton (Pygmalion) van Tyrus.
Het is niet geheel zeker uit te maken, of deze exodus een vlucht was of een geplande volksverhuizing.
Reeds daarvoor hadden de plundertochten van de Assyriërs geleid tot het zoeken van overzeesche toevluchtsoorden.  Ook de interne situatie van Tyrus leidde tot onrust. De usurpaties en koningsmoorden hebben bijgedragen aan het verval van Tyrus. Ithobaäl is met zijn lange regering nog de gunstige uitzondering. Na hem gaat de controle verloren over Sidon en komt de stad meer en meer alleen te staan.
 
                  Enige Tyrische koningen in de 8e eeuw v.C:
                  BAALEZER II
                  MATTAN I
                  Wellicht hiertussen Elisja  als regentes? 
                  PYGMALION  
 
In deze tijd valt de stichting van Carthago. Zie verder Boek Drie.
Zie Boek 68.CARTHAGE M.Hours‑Miédan. Que sais‑je reeks. Presses Universitaires de France. Paris. 1949. Zeer beknopte vorm. Tamelijk verouderd. Enige kaartjes. Eigenlijk meer een excerpt. Blz 28 e.v. gaat echter op de stichting van Carthago in.
 
 
 
 
          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
          2.7.7.  De algemene situatie in de 9e eeuw.
 
          Vooral van de tijd na 850 weten we verhoudingsgewijs minder van het lot
          der Fenicische steden. Geen nieuw, goed nieuws zou gezegd kunnen
          worden. Over het algemeen was het voor de Fenicische steden een tame‑
          lijk rustige periode. Ondanks het irritante opdringen van de Assyriërs
          konden de Feniciërs hun Middellandse zeerijk rustig gestalte geven. Zo
          zou de kolonisatie van het westelijke deel van de Middellandse zee
          uiteindelijk veel belangrijker zijn voor de wereldgeschiedenis dan de
          wrede gebiedsuitbreidingen door de Assyriërs met hun jaarlijkse
          plundertochten en strafexpedities. De Feniciërs komen in deze tijd
          steeds meer Grieken op hun pad tegen. Uit de Egeïsche zee worden zij
          verdreven, of zij trekken er zich vrijwillig terug, zoals in het geval
          van Rhodos. Ook de Grieken gaan nu kolonies stichten (Cilicië en
          Cyprus).
 
          In het achterland van de Levant handhaaft zich nog steeds een Aramees
          rijk. Koning Hazaël van Aram maakt zelfs Israël en Juda aan hem
          schatplichtig. In 842 laat de koning Mesa van Moab op een steen weten,
          dat hij een offerhoogte heeft gebouwd voor de god Kamos. Mesa verslaat
          de Israëlieten na opoffering van zijn eigen zoon op de muren van de
          hoofdstad van Moab. In de 1860 n C wordt de steen ontdekt en deze staat
          nu in het Louvre. Het bijzondere aan de steen is, dat de tekst op de
          steen een vorm van het Fenicische alfabet weergeeft. De Fenicische
          invloed reikt ver het binnenland in.
 
          In Egypte heerst de XXIIe dynastie met o.a. de farao's Takelot en
          Orsokon. Egypte is echter geen grote mogendheid meer en wordt dat pas
          weer in de tijd van Necho.
 
          ASSYRISCHE TOCHTEN NAAR SYRIE EN PHOENICIE+tribuutbetaling:
          858 Salmanassar III               Tyrus&Sidon
          853 Salmanassar III                  Qarqar
          841 Salmanassar III             Noord‑Fenicië
          802 Adad‑nirari III               Sidon&Tyrus
 
 
 
 
 
          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
          ZIE:ATLAS VAN DE FENICISCHE EN PUNISCHE STAMMEN, STEDEN EN VOLKEN.
              Kaart 28A.De Levant t.t.v.Adad-Nirari III (810-783 v.C).
              kaart 28B.Plattegrond Sham'al.
 
 
          Zie Boek 139.ATLAS VAN HET TWEESTROMENLAND.                     
          Overzicht over geschiedenisen beschaving van Mesopotamië van de steentijd tot de val van Babylon. M.A.Beek. ELSEVIER. 1960. 22 kaarten, maar ook aandacht voor landschap, klimaat,    opgravingen, religie, cultuur, geschiedenis, literatuur. Van belang vanwege de Assyrische en Babylonische expansie. Hier vooral kaart 17/blz 101.
Middellandse zee = TANTUM ELITUM  Perzische golf = TANTUM SJAPLITUM
          2.7.8.  De periode 800‑750.
 
          De laatste 50 jaar zijn ingegaan van de Fenicische autonomie. De
          plundertochten van Assyriërs duren voort. Tot een werkelijke opname in
          het Assyrische rijk komt het nog niet. De Fenicische steden betalen
          hun tribuut, maar dat valt in het niet bij de jaarlijkse winsten, die
          gemaakt worden in de handel en de nijverheid. In deze tijd vestigen de
          Feniciërs steeds meer nederzettingen op West‑Sicilië en Zuid‑Sardinië.
          Bovendien wordt in Zuid‑Spanje de Baetis‑vallei ontsloten. Thucydides
          vermeldt, dat "Mannen uit Kanaän" de eersten waren, die langs geheel
          Sicilië op eilandjes en uitlopers van de kust in de zee op regelmatige
          afstand een factorij of stad hebben gesticht. Dit alles had de bedoeling
          om de grote route van Fenicië naar Gadir, Lixus en Tingis veilig te
          stellen. Meer hierover in deel Twee.
          Tegen 750 landen de Grieken in Zuid‑Italië en Sicilië om er definitief
          te blijven. Daar komen zij allereerst in conflict met de Etrusken.
 
          In het oosten herstelt zich nog een keer de naaste buur van Fenicië in
          het zuiden. Onder de leiding van Jerobeam II (781‑753) neemt het rijk
          van Israël nog een keer een grote vorm aan. Het is de laatste opleving,
          voordat de Assyriërs aan alle illusies een eind maken. Ook de
          Feniciërs moeten er dan aan geloven. De tijd van de zelfstandige
          kleine stadsstaten in de Levant is voorbij. Dat dat alles toch nog vier
          eeuwen heeft kunnen duren, is te danken aan de zwakte van de grotere
          staten er om heen.
 
          In het westelijk deel van de Middellandse zee ontwikkelt zich Carthago
          op de Afrikaanse kust tot de belangrijkste Fenicische nederzetting.
          Andere belangrijke Fenicische steunpunten zijn hier Utica, Hadremetum,
          Melita, Panormus en Nora.
          In het oostelijk deel van Middellandse zee buiten Fenicië vinden we de
          Feniciërs op Cyprus, Cilicië, in Egypte (Tyrisch kamp te Memphis) en in Griekenland.*
 
          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
* Zie Boek 150.THE GREEKS AND THEIR EASTERN NEIGHBOURS.  Studies in the relations between Greece and the Countries of  the Near East in the Eighth and Seventh Centuries B.C. T.J.Dunbabin. Voorwoord: J.Beazley. Uitgever: J.Boardman. The Society for the Promotion of Hellenic Studies.  London 1957. Geeft inzicht in de relaties van Griekenland  met de landen in het Nabije Oosten. - Grieken in 8e en 7e eeuw in Cilicië, Noord-Syria en Palestina. Pas in 6e eeuw in Fenicië zelf. - Herodotos noemt Thera, Cythera, Thasos en Thebe als plaatsen, waar de Feniciërs waren. - orientale periode in de Griekse kunst 8e-7e eeuw
- Dunbabin wijst op Fenicische aanwezigheid te Rhodos, Knossos, Corinthe. - Guterbock veronderstelt een Fenicische intermediair bij alle mythen en legendes. - overdracht van het alfabet waarschijnlijk te Tarsus of Al Mina
                                                                        750

          Zie Boek 47.DIE PHÖNIZIER IM ZEITALTER HOMERS 
          U.Gehrig + H.G.Niemeyer. Ph.von Zabern Mainz 1990. Bijdragen van .Gubel, J.Latacz, A.Rathje, W.Rollig, M.Aubet‑
          Semmler. Gefixeerde afgeronde onderwerpen, vele nederzettingen apart belicht, vindplaatsen, kaarten, maar
          liefst 261 foto's, citaten. Uitstekend verzorgd boekwerk!  Catalogus met 257 voorwerpen.
                               Die Phönizier in Etrurien
De Fenicische expansie was voor een deel Assyrisch imperialisme. IJzer was de olie van die tijd. Op Ischia (Pithekoussai) werden in driekwart van de graven orientaliserende voorwerpen gevonden en NOOIT wapens. Er was in de late bronstijd een handelsrelatie Sardinië <-> Etrurië. De Feniciërs nemen dit over. Veel Sardische vondsten te Vetulonia. Het Tarquinia graf bevat een vaas met de naam Bknrnf = Bokchoris (c.720).
                Die phönizische Niederlassungen im Mittelmeerraum
De vroege stichtingen volgens de traditie van Gadir, Utica en Lixus.
Aanwezigheid van Myceens keramiek te Italië wijst er op, dat reeds in het 2e millennium er een relatie Egeïsche wereld <-> Sardinië was. Zelfs te Montoro in de boven Baetis. Volgens de bijbel c.1000 v.C Prekolonisatie: exploratie.
De oorspronkelijke kern van Lixus ligt wellicht aan de voet van de stadheuvel van Tchemmich. Wel resten van de 7e-6e eeuw. Mogador: griekse amforen uit de 7e eeuw. Gadir: begin is in de Atlantische oceaan verdwenen. Wel archaïsche necropool uit 6e eeuw. De vele steunpunten. De relatie Sardinië-Cyprus. Nederzettingskenmerken. Hoogtepunt c.700 v.C.
                  Die Phönizier, Tartessos und das frühe Iberien
De bevolking van Andalusië had al enige beschaving door het voorkomen van ertsen en landbouw. In de 8e eeuw komen de Feniciërs in grote getale. Orientaliserende periode 700-550 v.C. Tartessos verliest zijn betekenis tussen 550-500. Diverse Fenicische nederzettingen stoppen ook. Archeologie:Er was geen strijd! Oorzaak: directe lijn met Fenicië wordt afgebroken. Invloed Carthago groter.
 
          2.8.    Tijdstabel van het onafhankelijke Fenicië.

 

          1200            Invasies door de zeevolken.

          1198‑1194       (Hernieuwde) stichting van Tyrus}

          1110            Stichting van Gadir             }traditionele data

          1101            Stichting van Utica             }

          1075            Reis van Wen Amon/Zakarbaäl van Byblos

          1074            Tiglath‑Pileser in Fenicië.

          1000            Abibaäl van Tyrus/Ahiram van Byblos

           969‑936        Hiram I van Tyrus

           950            Tempelbouw te Jeruzalem

           935‑919        Baleazar van Tyrus

           920            Yehimilk van Byblos

           918‑910        Abd'as(h)tarte van Tyrus

           909‑898        Methusas(h)tarte van Tyrus

           900            Invallen Aram

           900            Elibaäl van Byblos

           897‑889        Astharymos van Tyrus

           888            Phelles van Tyrus

           887‑856        Ithobaäl van Tyrus

           883            Assoernasirpal van Assyrië te Fenicië

           880            Shipitbaäl van Byblos

           876            Tyrus, Arvad, Sidon e.a. schatplichtig aan Assyrië

           858            Salmanassar III van Assyrië naar Fenicië

           855‑830        Baleazar II van Tyrus

           853            Salmanassar III van Assyrië naar Syrië

           853            Veldslag bij Qarqar/Mattanbaäl van Arvad

           849‑821        Mettenos van Tyrus

           850            Izebel van Israël

           842            Mesa van Moab

           841            Salmanassar III van Assyrië naar Syrië

           841            Massamoord op Baälpriesters in Israël

           829‑821        Mattan I van Tyrus

           820‑774        Pygmalion van Tyrus

           814            Volgens legende Elisja stichting van Carthago

           802            Adad‑nirari III van Assyrië naar Fenicië

          ca.765          Milkiram van Tyrus?

           755            Ethbaäl II van Tyrus

          ca.750          Einde autonomie Fenicische steden.

          ......................................................................

 

Zie Map 12.31: Milkiram, nouveau roi phénicien de Tyr, A.Lemaire, SYRIA LIII, 1976.

 

 

          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX


                  DE ROL VAN ARVAD

                  Arvad heeft sinds een paar eeuwen al de rol overgenomen van

                  Oegarit in Noord‑Fenicië. In de 9e eeuw krijgt Arvad serieus

                  te maken met de Assyriërs. Even lijkt het er op, of de stad de

                  leiding genomen heeft bij de Feniciërs, als het er om gaat

                  om daadwerkelijk weerstand te bieden aan de Assyriërs. Tyrus en

                  Sidon zorgen er voor om op tijd hun tribuut betaald te hebben,

                  maar Arvad is de enige stad, die daadwerkelijk verzet biedt. Zij

                  doet in 853 mee in de grote coalitie bij Qarqar. Opmerkelijk

                  is ook, dat Arvad in 841 aan Salmanassar III géén tribuut

                  betaalt en de andere Fenicische steden wel. Pas in 802 vindt

                  er mogelijk een geslaagder aanval plaats op Arvad, omdat dan

                  Adad‑Nirari III triomfantelijk bericht, dat bij het beeld van

                  zijn heerschappij in Arvad oprichtte.

 

                  ZIE:NCFPS 57 Arvad, H van Diessen 1985 - 2009.

                  ZIE:Boek Elf, Deel Drie ZK, hoofdstuk 6.

 

 
          Kaart 16.              |
          De Assyrische invallen |
          _______________________|
              CILICIE                         NAHARINA
                                                   ╝ Arpad      ASSYRIE
 
 
 
 
                                                            ╝ Aleppo
                                  <<<<<<<<<<<<<<<<< 883 <<<<<<<<<<
 
 
 

                 Oegarit ╝                   <<<<<< 853 <<<<<<<<<<<
                                              ╝ Qarqar
 
 
 
 
                                                  ╝ Hamath
                                     <<<<<<<<<<< 858 <<<<<<<<<<
 
                     Arvad ╝
 
 
                                                                 ╝ Palmyra
 
                   Bortys ╝          <<<<<<<<<<< 802 <<<<<<<<<<<
 
                    Byblos ╝            ╝ Baälbek
 

                  Beryt ╝
 

                                                     <<< 841 <<<<<<<<<
                                               <<<<<<
                   ╝ Sidon                  <<
                                            <<
                                            ╝ Damascus
                   ╝ Tyrus
 
 
 

                ╝ Acco
 
 
                            ISRAëL             MOAB
                              JUDA
          ______________________________________________________________________