maandag 9 maart 2015

103.intermezzo

          3.4.4.    Intermezzo.

          De kooplieden in Carthago vinden het nu genoeg. Er wordt geen geld meer
          beschikbaar gesteld voor de huurlingen. Carthago denkt al weer aan vrede
          en de winst opleverende handel. Ten snel denkt men aan vrede. Een oorlog
          tegen Grieken (en later bij Romeinen nog meer) is pas echt gewonnen,
          wanneer die volken ook ultiem verslagen worden. En dat is iets, wat de
          in wezen vredelievende Carthagers nooit goed begrepen hebben.
          Het leger van Hannibal wordt dus ontmanteld, waarschijnlijk tegen de zin
          van de veldheer, maar zeker tegen de zin van de Mamertijnen, die hun
          broodwinning verloren zien gaan. Hannibal krijgt wel een triomfale
          ontvangst in Carthago, want hij heeft immers de twee dichtstbijzijnde
          gevaren op Sicilië met grondige precisie verwijderd.
          Toch is de oorlog, zo blijkt na verloop van tijd, nog niet afgesloten.
          Hannibal had door zijn overwinningen wel het gezag gevestigd over geheel
          West‑Sicilië en hij deelde alle in dat gebied gelegen Griekse,
          Sicanische, Punische en Elymische steden in bij en onder Carthago. Met
          deze ontwikkeling verlieten de Feniciërs en hun nakomelingen voor het
          eerst de oude en tot dusver succesvolle politiek van het stichten en
          behouden van kleine kuststeunpunten op Sicilië, die door een dicht
          netwerk van verbindingen over de zee en een daarbij behorende grote vloot
          met elkaar verbonden
          De opkomst van de Grieken met veel meer mensen en schepen doorbrak deze
          behoudende politiek. Al te veel steunpunten waren verloren gegaan en nu
          voor het eerst had men daadwerkelijk iets terug gedaan. Bovendien 
          werden de achterlanden van de kuststeden onder meer controle gebracht.
          De Punische nederzettingen moesten letterlijk meer steun in de rug
          krijgen. Hannibal uit de familie Mago was de eerste Feniciër in het
          westen, die dit daadwerkelijk op grote schaal geprobeerd heeft op
          Sicilië.

          Syracuse lijkt te berusten in een wapenstilstand. Voor een ogenblik is
          de rust weergekeerd op het eiland. Door de gewelddadige hernieuwde
          kennismaking met de Grieken na tientallen jaren min of meer afgescheiden
          van het Griekse gebeuren geleefd te hebben, gaan de Carthagers er nu toe
          over om de Grieken in een aantal zaken na te volgen. Pas nu ook gaan zij
          over tot het slaan van eigen munten op Sicilië. Voorheen behielp
          bijvoorbeeld Panormus zich met Griekse munten.
          Binnen een jaar is de rust en de wapenstilstand voorbij. Op het moment,
          dat Carthago het grootste deel van zijn  strijdkrachten op het eiland
          heeft ontmanteld, verschijnt er weer een van de vele Griekse avonturiers
          op het toneel.


          3.4.5.  De acties van Hermocrates.

          Na Pentathlos en Doriëus komt ene Hermocrates zijn geluk beproeven op
          het ongelukkige eiland. Hij is een Syracuser en komt na een Perzisch
          avontuur nu naar Messana met in zijn kielzog 1000 huurlingen. Hij voegt
          daar nog eens 1000 man aan toe uit het verwoeste Himera.
          Het is oorspronkelijk zijn doel om Syracuse te veroveren, maar daar
          wordt hem resoluut de toegang geweigerd. Daar wordt hem resoluut de
          toegang geweigerd. Daarom gaat hij het maar ergens anders proberen en
          hij marcheert naar het onverdedigde Selinous. Hij haast zich om de
          acropolis te ommuren. Zijn strijdmacht groeit ondertussen aan tot 6000
          man en daarmee plundert hij het land van Motya en Panormus.
          In 407 verschijnt hij bij het verwoeste Himera, alwaar hij de
          overblijfselen van de gesneuvelden Grieken (in 409 tegen Hannibal)
          verzamelt en hij stuurt die in een pathetische geste naar Syracuse toe.
          Hij brengt daarmee waarschijnlijk weloverwogen Diokles van Syracuse in
          diskrediet. Men herinnert zich weer, dat Diokles zo overhaast uit Himera
          vertrok. Het wordt nog erger voor Diokles, wanneer hij weigert het
          gebeente van de gevallen Grieken in ontvangst te nemen. Dan wordt hij
          prompt verbannen door de Syracusers, maar ook Hermokrates laten zij niet
          binnen.
          Na opnieuw een kort oponthoud te Selinous keert Hermocrates opnieuw
          terug naar zijn oorspronkelijke doel Syracuse en dringt met 3000 man via
          de Achradina naar binnen. Op de Agora wacht hij af hoe de Syracusers
          zullen reageren. Die reactie is niet mis en voor hem ook totaal
          onverwacht. In een hevig gevecht worden hij en zijn 3000 volgelingen
          bijna allemaal afgeslacht. Slechts zijn strijdmakker Dionysius weet te
          ontsnappen met een luttel aantal anderen. Met deze Dionysius zullen de
          Syracusers én de Carthagers nog heel wat te stellen krijgen.
Zie: Dionysius I of Syracuse and Greek Tyranny, L.J.Sanders, London/New York 1987.