vrijdag 20 maart 2015

121.Twintig jaren vreedzame coëxistentie.

          3.11.   Twintig jaren vreedzame coëxistentie.

          Er volgt nu een opmerkelijke periode tussen al die bittere oorlogen. De
          Puniërs hebben inmiddels veel van de Grieken overgenomen, ook qua
          levensstijl en dat bevordert een betere verstandhouding. Er wordt meer
          en meer met elkaar handel gedreven en in Carthago en op Sicilië ontstaat
          zelfs een gemend Punisch/Griekse bevolkingsgroep. In ieder geval leven
          in de EPICRATEIA Grieken, Sicaniërs, Elymiërs en Feniciërs meestal
          onder Carthaags bestuur in vrede met elkaar.
          De tijd wordt in Afrika door Carthago benut om zijn gebied zoveel
          mogelijk te vergroten. Talrijke nederzettingen en landgoederen worden
          onder het bewind van Hanno de Grote gesticht. De handelsroutes door de
          Sahara naar tropisch Afrika worden veelvuldig gebruikt.
          Daarnaast blijft Carthago actief in het Middellandse zeegebied zelf. Zo
          weten we van een in of bij Griekenland opererende macht, die onder de
          leiding van Nobas, broer van Hasdrubal, staat en die de Beoetiërs helpt
          tegen de Spartanen. In 362 of 361 vaardigen de Beoetiërs zelfs een
          decreet uit om de Carthagers te bedanken voor hun hulp.

          Op Sicilië is de Punische invloed meer dan ooit merkbaar. In 354 meldt
          Plato zelfs, dat Sicilië in gevaar is. Dat zou of Carthaags of Oskisch
          worden! De Grieken op Sicilië zijn ook zeer verdeeld. Dionysios II geeft
          de veroveringspolitiek van zijn vader op en probeert de interne toestand
          te stabiliseren. In 357 wordt hij echter ten val gebracht en Dion
          herstelt de democratie in Syracuse. Deze Dion moet door de Carthagers
          geholpen zijn. Op zijn reis van Griekenland naar Sicilië wordt hij door
          sterke noordenwinden naar de Afrikaanse kust gedreven. Van Afrika uit
          landt hij met zijn metgezellen te Ras Melkart, waar een gouverneur met
          de (Griekse?) naam Synalos de scepter zwaait. Vandaar begeeft Dion zich
          naar Syracuse, waar Dionysius II op dat moment afwezig is. Na het
          grijpen van de macht vormt Dion een bond van onafhankelijke stadstaten
          op Sicilië (de POLEIS). De huurlingen van Dionysius II houden nog wel de
          burcht op Ortygia bezet en ondernemen van daaruit plundertochten door
          geheel Oost‑Sicilië. Na nog geen drie jaar wordt Dion al weer vermoord.
          waarna een complete chaos uitbreekt in het Griekse deel van Sicilië.
          Een voor een vallen de Griekse steden weer in handen van tirannen. In
          346 keert Dionysius II weer terug op zijn oude stek.

          De Carthagers en Feniciërs profiteren van deze grote Griekse inzinking
          en doen dat op hun lievelingsterrein, namelijk in economisch opzicht,
          maar ook in cultureel opzicht rukt de Carthaagse invloed meer en meer
          op. In Selinous en Himera wordt steeds meer Punisch gesproken. Vandaar,
          dat Plato met de uitspraak kwam, dat hij vreesde, dat op Sicilië de

          Griekse taal verdrongen zou gaan worden ten gunste van de Fenicische!

          OMTRENT HET VERDRAG VAN 348 (of 343?).
          =====================================
          Tussen de 3e en 4e Siciliaanse oorlog dringen de Kelten diep door op het
          Italiaanse schiereiland. De Etruskische stad Clusium wordt door hen als
          eerste aangevallen (Diod.XIV, 117,7).
          In 386 vagen de Kelten Rome weg van de landkaart en de gevluchte
          Romeinen vinden in Caere een gastvrij onderdak. Hierna trekken de Kelten
          door naar Apulië. Op hun terugweg naar het noorden worden zij op
          Trausische vlakte door de Cerii (Caeretanen?) verslagen.
          In "Hannibal's legacy" van A.J.Toynbee (London 1965), wordt dit aspect
          van de Keltische inval naar voren gebracht in het kader van de gedachte,
          dat er wel eens een verbond tussen Caere, Rome en Clusium bestaan kan
          hebben en dat Carthago met dit verbond op goede voet stond. Dionysius I
          zou juist de Kelten bewogen hebben tot de inval. Ook Dionysius II zou
          dit omstreeks 356 en 347‑344 hebben uitgelokt (Livius VII, 23‑26).
          Voorts liggen er berichten van Diodorus (XV,27,4) en van Theophrastus,
          waarbij sprake is van 2 Romeins/Caerische expedities naar Sardinië (500
          man) en naar Corsica (25 schepen). Deze ondernemingen zouden dan niet
          tegen de Carthagers gericht zijn, maar tegen de Syracusers!
          Wanneer nu de Carthagers in 343 een delegatie naar Rome sturen om de
          Romeinen geluk te wensen met hun succes in Campanië, dan ook komt de
          herziening van het vredesverdrag tot stand en niet in 348 volgens de
          theorie van Toynbee. Onderhandeld wordt met de Romeinen en niet meer met
          de mensen van Caere, want de eerste viool speelde nu Rome en niet meer
          Caere. Voor 383 was de situatie omgekeerd.
          ......................................................................
          Zie:A Aymond:"Les deux premiers traité's entre Rome et Carthage" in
          Revue des Etudes Ancienne, vol.lix‑Bordeaux 1957.
                Die beiden ersten Roemisch-Karthagischen Verträge, Petzold, Tubingen (Aufstieg 364)

          Zie Boek 137.LIVIUS
Sinds de stichting van de stad. i.e.v.v.Hedwig Rooijen‑Dijkman & F.H.van Katwijk‑Knapp, Atheneum‑Polak & van Gennep, Amsterdam 2000. Het is niet het complete werk. Met name van belang zijn de boeken XXI ‑ XXX. Voorts blz 61 Inval van de Galliërs.
lezers: die hebben haast om in de huidige tijd te komen en dat brengt ons dan in een tijd, waarin we onze kwalen evenmin kunnen verdragen als de geneesmiddelen.
verheerlijking Rome: In geen enkele maatschappij hebben zo laat pas hebzucht en hang naar weelde hun intrede gedaan....

          Halverwege deze vierde eeuw stort het rijk de Etrusken goeddeels in
          elkaar. Alleen hun kernland in Toscane houden zij nog over. In het
          noorden worden de Etrusken door de Kelten uit de Povlakte verdrongen. In
          het zuiden raken ze Caere aan de Romeinen kwijt. Al eerder ging Veji verloren.
          Deze ontwikkelingen vormen voor de Carthaagse belangen in dit gebied een
          behoorlijke verandering van zaken. Gevolg is een nieuw verdrag met Rome.
          In vergelijking met de eerdere verdragen, bevat deze overeenkomt in
          mogelijk 348 heel wat minder florissante bepalingen voor Rome. Dat kwam,
          omdat Rome nu niet meer als een bevriende natie gezien werd, maar meer
          als een onafhankelijke natie. Rome moest volgens dit verdrag afzien van
          het stichten van koloniën en het bedrijven van scheepvaart langs de
          gehele Afrikaanse kust ten westen van het Schone Voorgebergte (Ras el‑
          Mekki) én langs de kust van Iberië ten westen van Mastia (het latere
          Carthago‑nova). Alleen langs Sardinië en Tunesië (Byzacena) mochten de
          Romeinse schepen proviand inslaan of averij herstellen gedurende ten
          hoogste 5 dagen.
          Carthago haalde verder, ondanks het verdrag met Rome, de betrekkingen
          verder aan met het overgebleven gedeelte van Etrurië. Een Etruskische
          kolonie vestigt zich in Carthago.

          Alles wijst op een grote opbloei van de handel en scheepvaart in deze
          periode. Het kan echter niet uitblijven, of ook militair gaat Carthago
          weer meespelen op Sicilië. Op verzoek van enige Griekse steden grijpen
          de Carthagers in 346? in op het eiland. Weer is het de opponent Syracuse,
          dat zich in een warrige toestand van machtswisselingen bevindt en zorgt
          voor de nodige onrust.

          Intern moet Carthago omstreeks 350 afrekenen met een machtsgreep door
          Hanno. Volgens een niet geheel verifieerbaar verhaal zou hij de complete
          magistratuur hebben willen vergiftigen tijdens een groot banket. Dat
          plan wordt echter verraden en dan probeert Hanno nog zijn 20.000 slaven
          in opstand te brengen. Daar komt allemaal niets van terecht, want hij
          wordt gevangen genomen en ter dood gebracht. Zijn broer of zoon Gisgo
          wordt verbannen.

            Zie ook Deel Drie Hoofdstuk 15.2.Verdragen en allianties.

              In 345 opereert op Sicilië een Carthaags leger tegen Entella,
              dat van de Carthaagse Epicratie afvallig is geworden. Galaria
              stuurt 1000 man om de stad te ontzetten, maar die worden geheel
              verslagen. De Campaniërs van Aitna hadden ook te hulp willen
              komen, maar die blijven bij nader inzien dan maar thuis.
              Daarna capituleert Echetla.
              Voor Syracuse bevindt zich inmiddels een grote Carthaagse vloot
              van 150 oorlogsschepen en voor de stad liggen 50‑60.000 man,
              300 strijdwagens en 2000 span paarden. Daarnaast zijn er veel
              belegeringswerktuigen, voorraden en levensmiddelen aangevoerd,
              weet althans Diodorus te melden. Dit leger staat o.l.v.Mago.

Zie Boek 25.PLUTARCHIS. Vita Timoleontis. Y.H.Rogge. Tjeenk Willink Zwolle 1925. Scriptores Graeci et Romani, Pars X. Griekse tekst, aanteekeningen en woordenlijst. Twee deeltjes= 25a + 25b. Van belang voor periode Timoleon.
blz 16: Uit het leven van Camillus weten wij, dat het gevecht (Crimisos) plaats vond op: de 24e Thargelion = 4 juni.
De rivier maakte, dat zij zelf konden beslissen met hoeveel vijanden zij wilden strijden. De strijdwagens voor de slaglinie der Carthagers heen en weer rijdende, maakten, dat de ruiterij van Timoleon telkens moest zwenken. Daarna maakten zij weer door een zwenking front tegen de vijand en beproefden opnieuw een aanval te doen.

Zie Boek 280.PLUTARCH. Ausgewählte Biographien des Plutarch. 2.Timoleon u. Pyrrhos. Otto Siefert – Friedrich Blass. Leipzig. Druck und Verlag von B.G.Teubner. 1879. Het is een schooluitgave. Genealogie van de Dionysius-familie. Chronologisch overzicht. De Griekse teksten zijn van inleidingen voorzien en worden in ‘notes’ verklaard. Grieks-Duitse woordenlijst.



ncfps