zondag 14 juni 2015

135.1e helft van het jaar 307 v.C in Africa

          3.14.9. De eerste helft van het jaar 307 in Afrika.
          In Afrika blijft Archagatos achter aan het hoofd van het Griekse leger.
          In de winter van 308 op 307 worden door zijn officieren verschillende
          expedities ondernomen. Eumachos verovert in het binnenland Tocai
          (Thugga?) en Phelliné, terwijl Asphodélodes zich ophoudt in de streek
          Khoumerië. Een andere expeditie voert naar Accra Hippou en verder naar
          Acis. In Miltine lijden de Grieken veel verliezen in een groot
          straatgevecht. De Carthagers zitten niet stil en formeren in de lente
          drie legers. In het zuiden opereert Adherbal en in het westen

          Himilco. Daar tussen in bevindt zich Hanno.
              STERKTE VAN DE LEGERS
              Over de sterkte van het leger van Himilco:
              FREEMAN gaat in zijn "History of Sicily" uit van de uit de over‑
              levering bekende 30.000 man, maar dat zal waarschijnlijk eerder
              kunnen slaan op de drie strijdmachten samen.
              MELTZER gaat in zijn "Geschichte der Karthager" dan ook uit van
              ieder 10.000 man. Anderzijds zal Archagatus later in Tunes de
              overgebleven Grieken verzamelen. Die hebben dan samen met de
              Libyërs en andere huurlingen nog een sterkte van 20.000 man.
              Hiertegenover stellen dan de Carthagers de legers van Himilco
              en Adherbal en die moeten ieder beduidend meer dan 10.000 man
              hebben geteld, want anders zouden zij tegen de gebundelde macht
              van Archagatus niet zijn opgewassen.
              Nu lijkt dus 30.000 per leger teveel en 10.000 juist te weinig.
              In aanmerking nemende, dat Carthago veelal een strijdmacht van
              omstreeks 50.000 man in het veld kon brengen, lijkt daarom mede op
              het voorafgaande, dat een strijdmacht van ca.15.000 man voor
              Adherbal, Himilco en Hanno ieder het dichtst bij de waarheid kan
              liggen.
          Hanno heeft het eerst succes, want hij laat Aishrion met 4000 man
          voetvolk en 200 ruiters in een hinderlaag lopen. De overlevende Grieken
          vluchten naar Archagatos bij Tunes. Vervolgens is het de beurt aan
          Eumachos met 8000 man voetvolk en 800 ruiters, die in het westen Himilco
          tegen zich heeft met in totaal waarschijnlijk 15.000 man.
          Tussen deze twee legers vindt een grote veldslag plaats, die
          vermoedelijk beslissend is geweest voor de afloop van de oorlog in
          Afrika tussen Grieken en Carthagers. De Carthagers overwinnen Eumachos
          volledig met als gevolg, dat bijna alle steden en dorpen zich nu weer
          vrijmaken van de Grieken, die zich ijlings op Tunes terugtrekken.
          Tunes wordt omsingeld en de overgebleven Grieken worden na verloop van
          tijd bedreigd door uithongering.

          Op deze veldslag zal in de navolgende bladzijden uitvoerig worden
          ingegaan, omdat het zo'n beslissende gebeurtenis is. Tot dan toe kwamen
          de Grieken In Afrika eigenlijk altijd in alle grote gevechten min of
          meer als overwinnaar naar voren. Dat aureool van onoverwinnelijkheid
          werd in één klap nu teniet gedaan met als gevolg, dat het geloof in de
          "eindoverwinning" bij de Grieken zelf teloor ging.


De plaats van deze veldslag is niet bekend, maar aangezien Himilco in het westen opereerde en er sprake is van een vlakte met een inheemse stad, zouden de Grote Vlakten in de buurt van VAGA wel eens in aanmerking kunnen komen.
                      MELTZER gelooft, dat de veldslag ergens in het berg‑
                      gebied achter Thapsus heeft plaatsgevonden. Dat kan
                      kloppen met het gegeven, dat later Hinilco Tunes
                      vanaf de zuidzijde afsluit. Waarschijnlijk is het dan
                      ook, dat hij vanuit het zuiden kwam na de veldslag.
                      Adherbal sluit dan Tunes vanuit het noorden af en zou dus
                      waarschijnlijk uit die richting gekomen kunnen zijn.

              Uit de ons overgeleverde gegevens valt niet op te maken
              met welke stad we te maken hebben. Het kan ook in werke‑
              lijkheid een groot dorp geweest zijn. Evenmin is zeker
              de exacte ligging van kamp, heuvel of stad. Wel is zeker
              de schijnbare vlucht van Himilco, de uitval uit de stad,
              de vlucht der Grieken naar de heuvel en de catastrofe
              aldaar.

                  Na de nederlagen van Aeschrio en Eumachus trekken
                  de overgebleven Grieken in Afrika zich voor het
                  grootste deel samen in Tunes, dat aan de zuidzijde
                  afgegrendeld wordt door het leger van Adherbal op 40
                  stadiën afstand en aan de noordzijde neemt het leger
                  van Himilco een positie in bij de passages naar het
                  binnenland op 100 stadiën afstand van Tunes. Ofwel precies andersom!!!
                  Hanno pacificeert het binnenland inmiddels.

Van de 8800 Grieken kwamen er slechts 30 door de belegeringsring heen. De rest stierf van dorst en honger of viel al vechtend om een uitbraak te forceren.

Met de nederlaag van Eumachos en de eerdere hinderlaag op Aeschrio lijkt het grootste gevaar voor Carthago voorbij te zijn. Carthago mag zich in deze periode gelukkig prijzen, dat het nu nog een vrijwel gesloten front achter zich heeft staan en dat slechts één Griekse stadsstaat zich voluit tegen de Carthagers keert. Zouden ook de westerse Grieken niet zo verdeeld geweest zijn, dan had Carthago wellicht niet deze titanenstrijd overleeft.

Het heeft geduurd tot Alexander de Grote totdat de oostelijke Grieken onder een noemer verenigd werden en dan slaat ook het laatste uur van het Perzische wereldrijk. Het zou nog duren tot Pyrrhus totdat de westelijke Grieken even onder een noemer verenigd werden, maar dat gevaar konden Rome en Carthago gezamenlijk nog indammen.
 ncfps