vrijdag 17 oktober 2014

69.De eerste Feniciërs op Sicilië


 SICILIË

Palermo: begin bij Palaepoli, acropolis bij paleis van de Normandiërs, necropool aan de piazza Indipendenza (7e-3e). Tanit? Tofet aan het strand van Acquasante

Solonte op de berg S.Cristoforo, necropool te S.Flavia (6e-5e)

Pizzo Cannita, necropool te Portella di Mare (6e-5e)

Monte Porcara: nog geen opgraving

Monte Pellegrino: strijdtoneel Heircte?

Grotta Regina: graffitti en afbeeldingen Shadrapa

Drepanon: niets gevonden

Favignana: enige graven + NP inscriptie (2e-1e)

Levanzo: garum

Cossura: S.teresa: muren,heiligdom te Bagno dell’Acqua,teken Tanit(3e-1e)

Eryx: Elymisch, maar vanaf 4e Punisch Aštarte

Castellazzo di Poggioreale: muur

Monte Adranone: tempel

Rocca Nadore: nederzetting (4e-3e)

Montagna di Cavalti: nederzetting

Motya: ommuurd in 6e eeuw Tofet 1100 gedenkstenen Baal Hammon

Liliybaeum=Marsala: strijd, schip Baal Hammon Tofet en necropool

 

60.5 La civilisation Phénicienne V.Krings  E.J.Brill,Leiden,
     et punique: Manuel de                 1995
     recherche; Handbook of  oriental Studies.

 

 

 

          Zie Boek 35.SELINUNTE

          History and Guide. F.Bilello. Publishers Sava. Palermo 1982.

          De geschiedenis is zeer beknopt. Wel een goede beschrijving

          van de tempels. Reconstructies. Gids. Plattegronden.

          Portretten van enige Grieken. Foto's.

Blz 17 Diodoros: de eerste bewoners waren de Feniciërs in het 4554e jaar sinds de schepping van de wereld volgens de rekening van Eusebius en 100 jaar na de stichting van Megara (vlg.Thucydides VI). Stichtingsdata: vlg Diodoros 651, vlg Thucydides 630-623, vlg St.Jerome 646

De naam zou afstammen van SELINON = eppe, wilde selderij, schermbloemige plant.

 

 

          Zie Boek 111.THUCYDIDE : Livre I                                        

          La querre du Péloponnèse Jacqueline de Romilly, Société d'édition Les Belles Lettres

          Parijs, 1953. Eerste Feniciërs op Sicilië.

 

 

                Zie Boek 221.THOUKUDIDES _ NAVORSCHINGEN.

Vertaald uit het Grieksch door Mej.H.M.Boissevain en dr.H.J.Boeken. Haarlem  J.W.Boissevain & Co  19141924. De Feniciërs en Carthagers komen niet echt veel in beeld, maar de geschiedenis is van belang in deze cruciale periode van 431 tot 411 v.C, waarbij de Grieken juist elkaar bevochten en de Feniciërs en Carthagers juist buiten schot konden blijven. Weliswaar is het een 'oud' boek, maar dat doet niets af aan de waarde van de vertaling.

          221I.Voorgeschiedenis en aanleidingen.

          221II.Perikles

          221III.Plataia, Lesbos en Kerkyra

          221IV.Pulos, Brasidas in Thrakia, Wapenstilstand

          221V.De vrede van Nikias

          221VI.Sikelia 415414

          221VII.Gulippos, beslissing op Sikelia

          221VIII.Strijd om de eilanden, omwentelingen, Alkibiades op Samos

 

          1.17.   De eerste Feniciërs op Sicilië.

 

Sicilië komt pas goed in de aandacht bij de Feniciërs,  als  Tartessië al lang  bekend  terrein  is  geworden.  Pas  na  1000  ontstaan  er  op toenmalige Trinakria kleine Fenicische factorijen. Meestal gebeurt dat met instemming van de plaatselijke bevolking. Er zijn geen berichten van

strijd bekend. Vermoedelijk betalen ook hier de Feniciërs huur of iets dergelijks. Soms zal dat niet eens nodig zijn geweest in  streken,  waar het land dunbevolkt is. Op de kleine eilanden rond Sicilië  vestigen  de Feniciërs provisorische steunpunten  en  aanloophavens (zie Thucidydes). 

Langzamerhand ontstaat  er  een  levendige  handel  met  de  inheemse  bevolking.   De         Feniciërs slijten hun vele nijverheids‑ en ambachtelijke producten  in ruil voor vooral landbouw‑ en veeteeltproducten. Daarnaast  functioneren de Fenicische steunpunten als rustpunten voor de lange  reis  naar  en van Tartessië. Zo ligt het  eiland  Sicilië  er  eeuwenlang  vredig  bij totdat een ander zeevarend volk de rust komt verstoren.