dinsdag 19 augustus 2014

47.Twistappel


3.5.8.        Fenicië wordt opnieuw een twistappel.

 

          Zoals een 1000 jaar eerder de Hethieten en de Egyptenaren  om  Fenicië

          duelleerden, zo doen dat tussen 246 en 237 vooral opnieuw de Egyptenaren

          onder Ptolemeus en de Seleuciden vanuit  Syrië.  Tenminste  dat  is  hun

          grootste oorlog. Daarom heen doen zich nog talrijke andere grensoorlogen voor.

          In deze tijd staat de Fenicische kust nu eens onder Egypte,  dan  weer

          onder het rijk der Seleuciden.

          De poging van de Seleuciden om het  rijk  van  Alexander  te  herstellen

          mislukt.  Weliswaar  wordt  tijdelijk  terrein  gewonnen  in  Fenicië,

          Palestina en in Klein‑Azië, maar in het oosten komen  steeds  feller  de

          Parthen opzetten. De voortdurende oorlogen  tussen  Seleucië  en  Egypte

          verzwakken op den duur slechts beide staten.

 

          3.5.9.  Antiochus III de Grote.

 

          Antiochus hervat de doelbewuste veroveringspolitiek, maar wordt  in  een

          grote slag bij  Raphia  verslagen.  Egypte  gaat  opnieuw  heersen  over

          Palestina en het zuidelijk deel van Fenicië.

          Het is voor Fenicië een erg onrustige periode.  Weliswaar  geniet  men

          verhoudingsgewijs  van  enige  welvaart,  maar   met   de   Fenicische

          identiteit gaat het snel  bergafwaarts.  Vooral  in  het  noorden  komen

          tussen de  oude  Fenicische  nederzettingen  steeds  meer  Griekse  of

          Helleense vestigingen. Zo worden bijvoorbeeld in het  noorden  Seleucis,

          Antiochia en in het zuiden Ptolemaïs gesticht.

          Later is Antiochus gelukkiger in zijn optreden, want dan weet  hij  zijn

          rijk onder meer uit te breiden  met  Atropatene  en  Armenië.  Zelfs  de

          Parthen weet hij te verslaan. Vanaf  het  jaar  206  herovert  Antiochus

          opnieuw Palestina. In 197 verschijnt Hannibal  Barcas  aan  het  hof  te

          Antiochia. Hij waarschuwt tegen het Romeinse gevaar.

          In het westen heeft Carthago de eerste twee oorlogen al  verloren  tegen

          Rome en is nu alleen nog maar een afhankelijke vazalstaat geworden.

          Via Cercina, waar Fenicische (!!!)  zeevaarders  hem  herkennen,  weet

          Hannibal tenslotte naar Tyrus te komen. Hij ontmoet Antiochus in  Ephese

          en weet hem over te halen tot  een  inval  in  Italië.  Antiochus  talmt

          echter te lang met de uitvoering van dat plan en dan, wanneer  eindelijk

          tot actie  wordt  overgegaan.  is  het  te  laat.  De  verdwaalde  grote

          Carthager figureert slechts  op  de  vloot  van  Antiochus,  die  bij  de

          Egeïsche zee wordt verslagen.

          Hierna moet Antiochus vrede sluiten, want bij de slag te Magnesia worden

          zijn paradetroepen eenvoudig weggevaagd door de Romeinse legioenen.

          In 188 moet Antiochus Klein‑Azië opgeven. Een  paar  jaar  later  sterft

          Hannibal zijn eigen dood in een huis te Bithynië. Het jaar 183  markeert

          niet alleen de dood van de grootste Feniciër aller tijden, maar  geeft

          ook het einde aan van de hoop op vrije Middellandse zeestaten  voor  een

          verdere hele lange tijd.

 

          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

                  NIEUWE TIJDREKENINGEN

                  Zie:Tijdschrift Syria XXXI 1954 p.73‑80

                  "éres Pompéiennes des villes de Phéniciens." (Map 1.9).

 

                  Begin nieuwe jaartellingen te:

 

                  Kition      305 of 311

                  Aradus      259

                  Tyrus       126

                  Sidon       111

                  Tripolis    105‑95

                  Berytus     81