vrijdag 8 augustus 2014

42.De laatste Perzische jaren.


          3.4.12. Bijna een eeuw van rust.

 

          In de tijd, die nu volgt tot ongeveer 340 hebben de Grieken het  meestal

          te druk om elkaar te bestrijden. Zelfs gaat Sparta op een gegeven moment

          een verbond met de Perzen aan. De Feniciërs worden echter niet meer op

          grote schaal ingeschakeld. De Perzische macht slinkt steeds meer  en  de

          Fenicische steden worden steeds autonomer. Een ander proces, dat  deze

          eeuw zich doorzet, is de culturele beïnvloeding  van  Grieken  op  de Feniciërs.

          In het oosten dus een tamelijke rust; in het westen moeten de Carthagers

          daarentegen alle zeilen bijzetten om zich te handhaven tegen vooral  het

          opdringen van Syracuse. Ook aan de randen van het Perzische rijk is  het

          allerminst rustig. Vooral Egypte probeert van  alles  om  de  Perzen  te

          verdrijven. Toch duurt het daar tot het eind van de 5e eeuw. De onafhan‑

          kelijkheidsstrijd duurt daar van 410‑404. Amyrtus verwerft de  zelfstan‑

          digheid. Hij wordt in 398 opgevolgd door Néphéritus  I,  die  de  strijd

          tegen de Perzen voortzet en ook Sparta ondersteund schijnt te hebben met

          100 triëren. Achoris van Egypte sluit in 388  een  verbond  met  Athene,

          even later gevolgd door Evagoras van Cyprus. Ook de Pisidiërs en Libyërs

          uit de streek van Barce sluiten zich daarbij aan. De tamelijke rust  van

          Fenicië wordt tijdelijk verstoord door Evagoras, die zijn geluk ook op

          het vasteland gaat zoeken.

 

          Na de mislukking van de onderwerping van alle Grieken, gaat de Perzische

          Grote Koning ertoe  over  om  het  front  aan  de  Middellandse  zee  te

          versterken met wachttorens en forten. Een mooi voorbeeld hiervan is  een

          fort, dat in de 4e eeuw nabij Banyas wordt aangelegd. Het is zo'n 40 bij

          120 meter en telt 10 bastions, die elk circa 10 x 10 meter groot zijn. *

          XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

 

          * :Zie:"Défense du front mediterranéen de l'empire Achémide" van  Maurice Dunand.

SATRAPIE

              De vijfde satrapie= strekt zich uit van de stad Poseidon (aan de

              monding van de Orontes) tot aan de noordelijke grens van Egypte.

              Naar het oosten toe is de grens mogelijk bij de Eufraat gelegen.

              Naar het westen toe wordt het eiland Cyprus er ook toe gerekend.

 
          3.4.12.1.   De inval van Evagoras.
 
          Omstreeks 388 valt Evagoras van Salamis Fenicië zelf binnen. Hij heeft
          daarvoor o.a.  50  Triëres  gekregen  van  Achoris  van  Egypte  en  een
          aanzienlijke hoeveelheid koren. Hij debarkeert in Fenicië, waarschijn‑
          lijk in de buurt van Sidon, want in die stad vinden we  twee  zuilen  in
          een tempel van Esjmoen met de naam van Achoris er op. Lang succes heeft
          Evagoras niet, want hij wordt  spoedig  bedwongen  en  moet  zelfs  naar
          Egypte vluchten. Kennelijk is Cyprus voor hem tijdelijk niet meer veilig
          en kennelijk valt Cyprus weer grotendeels onder de  Fenicisch/Perzisch contrôle.
 
          3.4.12.2.   Enige namen.
 
          Over de gebeurtenissen in Fenicië zelf is in de tijd tussen 445 en 365
          niet zoveel bekend. Het zijn bijvoorbeeld wat  namen  van  koningen.  Zo
          zijn  die  van  van  Sidon  bekend:Tabnit,  Eshmunazar,  Bodashtart   en
          Yatonmilk. In Byblos regeert omstreeks 450 Yehawmilk. In 400  verschijnt
          de naam Shipitbaäl en in 360 zwaait Elibaäl de scepter over Byblos.
          Andere koningen van Byblos:Adramelek              350
                                                                       Ozbaäl            340
                                                                       Aïnel               335
          Nog steeds is Fenicië verbrokkeld in de vier grotere vorstendommen  en
          diverse kleinere plaatsen. ook in Cilicië  en  op  Cyprus  handhaven  de
          Feniciërs zich, maar ze komen langzaam meer en meer onder  de  Griekse
          invloed. Tyrus blijft nog het meest Fenicisch. Deze stad heeft echter niet
          meer de betekenis van weleer.
          Uit deze tijd stamt ook de sarcofaag van Tabnit, waarop het volgende  te
          lezen staat:
          "Wie gij ook zijt, iedere mens, die deze  sarcofaag  ontmoet,  gij  zult
          niet dit graf openen en mij niet storen. Want zij hebben voor  mij  geen
          zilver verzameld. Zij hebben voor mij geen  goud  verzameld,  noch  iets
          anders....., alleen ik lig in dit graf:Open dus niet dit graf  en  stoor
          mij niet, want deze daad is voor As(h)tarte een gruwel. Als gij mij toch
          opent en mij stoort,(dan) zult gij  geen  nakomelingen  krijgen  bij  de
          levenden onder de zon. Ook  zult  gij  geen  rustplaats  vinden  bij  de
          geesten van de dood."
          Het is een van de  mooist  overgebleven  sarcofagen  van  de  Sidonische
          koningen, maar ook de latere Baäl‑Sjilem, Abd‑Amar en Baäna  zullen  wel
          op deze manier ter ruste zijn gelegd. Helaas hebben de grafrovers veelal
          niet geluisterd naar de vervloeking, die op de sarcofagen te vinden was.*
         XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
                                                            810
 
                * Zie:The biggest supermarket in Lebanon, R.Fisk, BERYTUS vol.XXXIX, 1991.
                  EVAGORAS
                  411:bestijgt de troon te Cyprus.
                  405:begin van revolte te Cyprus.
                  388:de rebellie slaat over naar diverse Fenicische steden.
                  381:verslagen bij Kition.
                  Evagoras blijft in functie, maar moet zijn veroveringen
                  afstaan en opnieuw tribuut betalen aan de Perzische koning.
                  De vredesbepalingen zijn  voor Evagoras nog aan de gematigde
                  kant vanwege onenigheid tussen de Perzische leiders Tiribaze
                  en Orontes!
 
 
Zie:         ATLAS VAN DE FENICISCHE EN PUNISCHE STAMMEN, STEDEN EN VOLKEN:
                H.R.van Diessen, Apeldoorn 2000.
                Kaart 57.Evagoras (411-374 v.C).
 
 
                  GRIEKEN IN FENICIë
                  Het was niet zo, dat er geen Feniciërs in Griekenland leefden
                  en dat er geen Grieken in Fenicië woonden. De Grieken hadden
                  eigen vestigingen op de kust van de Levant.
                  Zie bijvoorbeeld:"The near eastern pottery and objects of other
                  materials from the upper strata (Sukas VII)." Carlsberg expedi‑
                  tion to Fenicia 9.
          3.4.12.3.   Straton van Sidon.
 
          Langzaam worden de Feniciërs het Griekse kamp ingetrokken.  Reeds  ten
          tijde van Evagoras van Salamis rond 390 kozen ze tijdelijk voor een deel
          de Griekse zijde. Met de Philhelleen Straton aan het roer in Sidon  gaat
          hetzelfde gebeuren. Dank  zij  de  Griekse  generaal  Chabrias  weet  de
          Egyptische farao Téos Palestina te veroveren.  Gevolg  is,  dat  ook  de
          Fenicische steden proberen de Perzen weg te werken.
          Straton van Sidon neemt in de jaren 362‑360 de leiding van de revolte op
          zich. Een tijd lang ziet het er gunstig  uit,  want  Straton  weet  zich
          gesteund door Griekse en Egyptische machten. Maar dan vindt  er  in  359
          een staatsgreep plaats in  Egypte,  waarbij  Téos  wordt  afgelost  door
          Nectanébo II. Téos vlucht naar Sidon en vandaar moet hij  in  arrest  te
          Susa. De opstand verloopt.
 
          3.4.12.4.   Tripolis.
 
          Dan vindt in deze eeuw een grote bijzonderheid plaats. De tot dusver  zo
          verdeelde Feniciërs(in politiek opzicht) geraken  het  eens  over  het
          stichten van een hoofdstad. Arvad, Sidon en Tyrus nemen die  belangrijke
          stap. Tripolis of Taraboulus  gaat  de  stad  heten,  want  de  stad  is
          inderdaad verdeeld in drie gedeelten, die volgens  Diodorus  Siculus  op
          één stadie (=125 passen=180 meter) uit  elkaar  liggen.  Hier  komen  de
          leiders van de Fenicische vorstendommen in den  vervolge  bij  elkaar.
          Men slaat de handen ineen, omdat  men  de  dreiging  van  de  omringende
          volken en rijken mogelijk te groot vindt worden.  Eindelijk  krijgt  men
          begrip van de eigen identiteit als volk en wel juist op met moment,  dat
          de Feniciërs vergriekst raken, of misschien wel  daardoor.  Pas  tegen
          het einde van hun zo rijke geschiedenis vindt  er  dan  toch  een  soort
          "Unie van Utrecht" plaats. Het  is  allemaal  prachtig,  maar  de  eigen
          krachten worden weer eens schromelijk overschat.
          De onafhankelijkheidsverklaring van 352 te Tripolis opgesteld, werkt als
          een rode lap op het zieltogende Perzische imperium, dat nog een  laatste
          uithaal plaatst naar juist tot dan de trouwste bondgenoot.
          De nationale "eenheid" van de Feniciërs  kraakt,  zoals  gebruikelijk,
          aan alle kanten. Zo doet Tyrus niet voluit mee in de afscheiding van het
          Perzische rijk en laat het werk vooral door Tennes van Sidon  opknappen.
          Zo doet ook Byblos, het vierde en kleinste vorstendom,  zelfs  niet  mee
          aan de stichting van Tripolis.
         XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
                               Zie:La tour de Straton, E.Will, SYRIA LXIV.
 
 
                      REVOLTE VAN DE SATRAPEN
                      Artaxerxes II is nog een te zwakke figuur om de opstand
                      te kunnen indammen. Hij verliest ook Egypte. Pas Arta‑
                      xerxes III herstelt de orde in het Perzische rijk. De
                      satraap Aroandre is een van de gangmakers geweest achter
                      de rebellie. De satrapen Ariobarzane en Damatès worden
                      vermoord.
 
 
 
Map 24.3.The Phoenician Cities, F Millar, Univ.Coll.London, A Case-Study on Helleniosation. Proceedings of the Cambridge Philological Society 209 (N.S.29) sept.1983, blz 55-71.
              Zie:Tijdschrift SYRIA LVI, L'inscription phénicienne de Tartous,
                  J Teixidor. Door R Dussaud ontdekt in 1896 n C. Het is een
                  prachtig voorbeeld hoe deze korte tekst toch tot verschillende
                  interpretaties aanleiding kan geven. De inscriptie stamt uit
                  de 4e‑3e eeuw.
          3.4.12.5.   Tennes van Sidon.
 
          Tussen 347 en 345 komt Sidon nog één keer in opstand  tegen  de  Perzen.
          Ditmaal is het de koning Tennes van het vorstendom,  die  het  Perzische
          garnizoen verjaagd met behulp van 4000 Griekse huurlingen, die  uit  het
          Egypte van farao Nectanébo komen. Zij staan onder de leiding van  Mentor
          de Rhodes. Ook Cyprus en zelfs Juda schijnen zich bij de revolte aan  te
          sluiten.
          Artaxerxes reageert koelbloedig, schakelt  via  een  verrassende  aanval
          eerst Cyprus uit en weet door verraad van Mentor? Sidon weer in handen  te  krijgen.
          De rol van Tennes is niet geheel duidelijk,  maar  vermoedelijk is ook hij
          degene, die wellicht onder druk de stad verraden heeft.Toch moet Tennes
          het avontuur met de dood bekopen. Sidon wordt in brand gestoken.
          Na verloop van tijd wordt Sidon toch weer opgebouwd, maar de eerste  rol
          in Fenicië is nu weer weggelegd voor Tyrus, dat zich er overigens niet
          lang op zal kunnen verheugen.
          De onafhankelijkheidsgedachte en de nationale gedachte is op dat  moment
          eigenlijk definitief gestorven met de 40.000 Sidoniërs. Het streven naar
          één bondsstaat kwam te laat. Een of twee eeuwen eerder was het  mogelijk
          nog haalbaar geweest. Fenicië is dus nooit een echte eenheid geworden.
          Dit feit werkt nog steeds door tot in de huidige tijd toe.
 
          3.4.12.6.   De laatste Perzische jaren.
 
          Nog even kan Tyrus kunstmatig gloreren als eerste onder de  Fenicische
          steden. Nog dertien jaren resten de stad voor  dat  ook  die  onder  zal
          gaan. In die tijd brokkelt  de  Perzische  heerschappij  vooral  mentaal
          sterk af. Wel staan er nog legers klaar met tienduizenden van  soldaten,
          maar het is een samenraapsel van zeer veel nationaliteiten, die  ook  al
          niet tot een eenheid zijn gesmeed en die  nauwelijks  nog  in  de  grote
          koning van Perzië geloven. De eerste de beste doortastende veldheer  met
          een goed op elkaar ingespeeld leger zal de lemen kolos doen tuimelen van
          zijn voetstuk. Dat heeft de befaamde tocht van de tienduizend al  aange‑
          toond.
          Carthago heeft in het westen net zijn zoveelste Siciliaanse  oorlog  met
          de Grieken achter de rug en verheugt zich op een kwart eeuw min of  meer
          vrede. Alles in de Mediterane wereld  lijkt  tamelijk  rustig,  maar  in
          Macedonië roert Ares zich met  alle  geweld  van  dien.  Successievelijk
          worden de vrije Grieken onderworpen en dan  is  het  de  beurt  aan  het
          Perzische rijk om opgerold te worden.
 
XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
Map 36.2.4.The Relations between Tyre and Carthage during the Persian Period, J.Elayi, JANES vol 13, 1981, blz 15.
 
                      DE STRIJD VAN SIDON
                      Bélésys, de satraap van Syrië en Mazaios, de satraap van
                      Cilicië worden door Tennes van Sidon nog verslagen. Als
                      Artaxerxes III met een groot leger Sidon echter nadert,
                      pleegt waarschijnlijk Tennes zijn verraad.
                      500 notabelen van de stad komen nog bij Artaxerxes III
                      pleiten voor genade, maar zij worden koelbloedig afgemaakt.
                      Als de Sidoniërs horen van het verraad van Tennes en/of Mentor en de
                      massamoord op de notabelen, steken ze zelf hun stad in
                      brand. Het geheel doet denken aan het latere lot van Tyrus
                      en zeker bij Carthago. Ook daar zien we naïeve leiders van
                      de stad denken, dat er met de vijand nog iets te regelen
                      zou zijn en ook daar zien we de stad tenslotte in brand
                      opgaan, gepaard gaande met zelfmoordacties.